De Corsicaanse Den

De Corsicaanse den

Pinus Nigra subsp laricio var corsicana (wetenschappelijke benaming)

U làrice of u lariciu (Corsicaanse benaming).

 

Technische Gegevens

De Corsicaanse Den 

Biologische en ecologische  kenmerken

  • Harsachtige van de Dennenfamilie, de Corsicaanse den kan 50 meter hoog worden;
  • De zilvergrijze schors wordt gevormd door grote onregelmatige plakken;
  • De boomstam (tronk), recht en slank kan een grote diameter bereiken (180 cm);
  • De kegels zijn klein (van 4 tot 8 cm) en de vruchtvorming is iedere 2 tot 3 jaar goed;
  • De levensduur is uitzonderlijk en wordt in eeuwen geteld (500 jaar);
  • De den is heliofiel en groeit snel in het volle licht;
  • De kroon, kegelvormig op jonge leeftijd, is tafelvormig bij de oudere bomen of bij groei op bergkammen;
  • De den is uitstekend aangepast aan het Middellandse Zee-klimaat, verdraagt zomerse droogte  en maakt gebruik van de goede jaarlijkse regenval (800 tot 1500 mm/jaar) in de Corsicaanse bergen)

Kenmerken

De kenmerken van de Corsicaanse den maken hem tot de derde boomsoort gebruikt voor herbebossing op het Franse vasteland, na de douglas en de maritieme den.

  • Robuustheid: verdraagt alle soorten klimaten goed.
  • Aanpassingsvermogen: verdraagt een grote verscheidenheid van gronden (uitgezonderd kalkgronden of te drassige gronden).
  • Productiviteit: groeit snel en levert hout van hoge kwaliteit.

Geografische verspreiding

Er zijn twee verspreidingsgebieden van de Corsicaanse den:

  • Natuurlijk gebied: gebied waar de Corsicaanse den op natuurlijke wijze groeit. Dit gebied is uitsluitend gelocaliseerd in de Corsicaanse bergen, reden waarom het een endemische Corsicaanse soort is.
    De Corsicaanse den bedekt 45000 hectare van de 212 920 hectare Corsicaanse bossen. Hiervan zijn 21 000 ha onvermengd bebost.
  • Introductiegebied: gebied waar de soort om verschillende redenen geïntroduceerd is terwijl deze geen deel uitmaakt van de natuurlijke vegetatie.
    De bebossing met de Corsicaanse den bestrijkt 100 000 ha op het Franse platteland.

De Corsicaanse Dennenbossen

De Corsicaanse Dennenbossen zijn kenmerkend voor de Corsicaanse bergen (1000 tot 1800 meter) waar ze heersen over de hellingen aan de zonkant.

Op de Noordelijke hellingen, somberder en koeler, groeien ze samen met de hoogstammige beuken, sparren, taxusbomen en hulsten.

Afdalend naar de kust, vermengen ze zich met, en laten uiteindelijk de plaats aan, steeneikenbossen of maritieme dennenbossen.

 

 

Ze zijn de sluitsteen van een ingewikkeld ecosysteem dat hen omringt en vormen de waarborg van het bestaan van vele plant- en diersoorten. Ze vormen een erfgoed van uitzonderlijke waarde.

Ze verzorgen onder dak voor achtentwintig vogelsoorten en herbergen de enige endemische zangvogel van Frankrijk, de Corsicaanse boomklever (Sitta whiteheadi).

De Corsicaanse den is geen bedreigde soort en de bebossingen zijn over het algemeen in goede staat.

De enige bedreiging wordt gevormd door branden. De vuren, veroorzaakt door de mens, zijn te regelmatig en vernietigend.

 

 

Er zijn dus twee belangrijke doelen die het bosbeheer van het eiland probeert te bereiken:

Een economische en multifunctionele waardering van de bossen uitgevoerd met permanente zorg voor het respecteren van de ecologische rijkdommen.

Het herstel van de ecologische verscheidenheid van vroeger, uit evenwicht gebracht en verarmd door de eeuwenoude ontginning van de bossen door de mens.

 


Kleine Maanvaren

Biologische verscheidenheid

Veldbies van Piedmont

Asclepias Gentiaan

L’homme et la forêt de pin laricio de Corse

 “Ce ne sont point les ouvrages de l'art qui agrandiront 
   la pensée de celui qui voyage en Corse, mais bien
    l'effroi et l'admiration que produit nécessairement
     une nature dont toutes les scènes sont effrayantes
      et majestueuses ”
        (Hubert Lauvergene, Mémoire sur la Corse, 1823, 
            dans L'île d'à côté de Paul Silvani, 1998).

In de jaren tachtig schreef Guy de Maupassant over het bos van Aitone:

« …de gigantische dennen vouwen boven onze hoofden
   een kreunende boog uit, ze slaken een soort 
    voortdurende en trieste klaagzang, terwijl links
     en rechts hun rechte en slanke stammen op een 
      leger orgelpijpen lijken waaruit de monotone 
       muziek van de wind uit de kruinen lijkt te 
        komen … »

Om meer te weten

Europese milieupolitiek

Het behoud van de natuur is een belangrijk aandachtspunt van de milieupolitiek van de Europese Unie sinds het begin van de jaren zeventig. De communautaire Richtlijnen “Vogels” en vervolgens “Groeiplaatsen” hebben een stevige juridische basis gelegd voor de bescherming van soorten (fauna en flora) en van zeldzame en/of bedreigde natuurlijke gebieden op Europese schaal.

Natura 2000

Door toepassing van de Richtlijnen is een netwerk van beschermde gebieden in Europa opgericht, het netwerk Natura 2000. Het doel is het bevorderen van de biodiversiteit binnen de logica van een duurzaam beheer, rekening houdend met de economische en sociaal-culturele eisen.

Groeiplaats van de Corsicaanse den

De natuurlijke groeiplaats van de Corsicaanse den, erg weinig vertegenwoordigt op Europese schaal, heeft voorrang in het kader van de Richtlijn “Groeiplaatsen”. Er wonen soorten van communautair belang, zoals de Corsicaanse boomklever (endemische vogel) of ook de Corsicaanse schijftongkikker (kleine bergkikker).

LIFE programma

Life is een van financiële instrumenten van Europa die ervoor zorgen dat de Richtlijnen toegepast kunnen worden.

Het ONF (Frans Bosbeheer) beheert de meerderheid van de Corsicaanse Dennenbossen op Corsica voor de openbare instanties en heeft geprofiteerd van deze financieringen. Zo is het mogelijk geweest om het programma Life Nature “voor een beleid tot behoud van de groeiplaatsen van de Corsicaanse den” in werk te stellen voor bepaalde gebieden van het Natura 2000 netwerk.

Concrete handelingen

  • Aanleg van drie thematische wandelpaden;
  • Inrichting van een tentoonstelling van de boomsoort Corsicaanse Den (bos van Bavella, boshuis van Arza) ;
  • Uitgave van beheermiddelen van de bebossing van de Corsicaanse den die rekening houden met hun verscheidenheid;
  • Boswerkzaamheden met als doel de vermenging van de soort opnieuw te maken, de verbetering van de biotoop van soorten (zoals de Corsicaanse moeflon) die in de bossen van de Corsicaanse den voorkomen, om de overblijvende bebossingen die met de Corsicaanse den in verband staan te beschermen (taxusboom, jeneverbes).